Ga direct naar de hoofdinhoud

Arius 9

Want er is één God. Er is ook één Middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus. Hij heeft Zich gegeven als een losprijs voor allen

1 Timotheüs 2:5-6 

Arius 9

Ik begin aan de geschiedenis van Arius. Als u wilt weten waarom ik geïnteresseerd ben in het leven van Arius, ga dan naar:

  https://www.ajb52.nl/arius-een-ketter-1

Mijn betoog over dit onderwerp is geïnspireerd door een document dat u kunt vinden op:

 https://christianpure.com/nl/learn/who-was-arius/

Ik geef de inhoud van dit document weer met mijn eigen woorden, aangevuld met mijn reactie op de inhoud, op een zodanige manier dat het voor mijn lezers moeilijk is om het verschil te zien tussen mijn commentaar en het originele document. Daarom kan het verstandig zijn ook het origineel zelf te lezen. 

Men zegt dat het voor de geïnteresseerde lezer nuttig is om kennis te nemen van de omstandigheden en situatie uit de tijd van Arius. Stel je een wereld voor waar allerlei oude filosofieën hun invloed laten gelden op het denken en handelen van de mensen in die roerige tijd. Toen was het christendom als een betrekkelijk nieuwe religie bezig met een opmars in de samenleving. De vraag is natuurlijk wat voor christendom was dat? Tegenwoordig kun je nauwelijks spreken van het christendom, omdat er binnen het christendom zeer verschillende gedachten leven over tal van zaken. Eigenlijk is het christendom van tegenwoordig een soort fragmentatiebom, waarbij de inzichten, meningen en ideeën alle kanten op vliegen, zo zelfs dat je zou zeggen dat ‘het christendom’, niet of niet meer bestaat. Wat is er nog over van het oorspronkelijke evangelie, zoals dat door Jezus en Zijn discipelen verkondigd werd? Als we dat willen weten, moeten we rekening houden met een waarschuwing van de apostel Paulus:

Handelingen 20:25-31. SV 

25  En nu ziet, ik weet, dat gij allen, waar ik doorgegaan ben, predikende het Koninkrijk Gods, mijn aangezicht niet meer zien zult.

26  Daarom betuig ik ulieden op dezen huidigen dag, dat ik rein ben van het bloed van u allen.

27  Want ik heb niet achtergehouden dat ik u niet zou verkondigd hebben al den raad Gods.

28 Zo hebt dan acht op u zelf, en op de gehele kudde, over dewelke u de Heilige Geest tot opzieners gesteld heeft, om de Gemeente Gods te weiden, welke Hij verkregen heeft door Zijn eigen bloed.

29  Want dit weet ik, dat na mijn vertrek zware wolven tot u inkomen zullen, die de kudde niet sparen.

30  En uit uzelven zullen mannen opstaan, sprekende verkeerde dingen, om de discipelen achter zich aan te trekken.

31  Daarom waakt, en gedenkt, dat ik drie jaren lang nacht en dag niet opgehouden heb een iegelijk met tranen te vermanen.

Handelingen 20:29-20. NBV

29 Ik weet dat er na mijn vertrek woeste wolven bij u zullen binnendringen, die de kudden niet zullen ontzien.

30 Uit uw eigen kring zullen mensen voortkomen die de waarheid verdraaien om de leerlingen voor zich te winnen.

Dus alles wat wij geloven moet onderbouwd worden door de heilige Schrift.

Het document dat ik hoop te bestuderen komt, wat de inhoud betreft, met vier onderwerpen of hoofdstukken, te weten:

Arius was iemand in het begin van de kerkgeschiedenis uit Alexandrië, bekend om zijn leer dat Jezus Christus een begin heeft gehad en door God de Vader geschapen is.

Zijn visie komt niet overeen met de later ontstane doctrine van de Drie-eenheid. Wat leidde tot wijdverspreide discussie en verdeeldheid binnen de vroege Kerk. Met als resultaat dat er verdeeldheid ontstond waar nog lang stevig over gediscussieerd werd en nog wel over gesproken wordt.

De Geloofsbelijdenis van Nicea werd opgesteld nadat het concilie werd samengeroepen en voorgezeten door de keizer, die geen lid van de kerk was, niet gedoopt en geen belijdenis van het geloof had afgelegd.   Met als doel de volledige goddelijkheid van Christus te bevestigen, met de nadruk op zinsneden zoals "verwekt, niet gemaakt" en "van één wezen met de Vader".

De dood van of de aanslag op Arius, vlak na zijn heropname in de Kerk, leidde tot dramatische verhalen die door velen werden gezien als een goddelijk oordeel over zijn leer, wat vragen opriep over de aard van historische verhalen en vooroordelen.

Tot later.